Stikstofdioxide veroorzaakt sterfte door hart-longaandoeningen

Volgens een wereldwijd uitgevoerde studie heeft stikstofdioxide (NO2) een belangrijk aandeel in de uitstoot van luchtvervuilende, gezondheidsschadende stoffen. Er werd een lineair verband gevonden tussen de NO2-concentratie en aandoeningen aan hart en longen, los van de invloed van andere vervuilende stoffen. Stikstofdioxide houdt verband met het sterven aan deze ziekten.
 
Het onderzoek dekte de periode 1973-2018 en was gebaseerd op meetgegevens in 398 steden, in 22 landen of regio’s met uiteenlopende inkomensniveaus. Gekeken werd naar het aandeel van NO2 in het totaal aantal sterfgevallen (62,8 miljoen), cardiovasculaire ziekten (19,7 miljoen) en luchtwegaandoeningen (5,5 miljoen). De afzonderlijke invloed van de stof werd bepaald door te controleren voor gezondheidsschade als gevolg van andere luchtvervuilers: fijnstof (PM10) en de fijne fractie daarvan (PM2.5), ozon, zwaveldioxide en koolmonoxide.

Uit de resultaten bleek dat een toename van de concentratie NO2 met 10 microgram per kubieke meter (μg/m3) geassocieerd was met 0,46% toename van de sterfte. Voor hart- en luchtwegaandoeningen waren deze percentages respectievelijk 0,37% en 0,47%. In alle drie de gevallen was sprake van een bijna lineair verband en kon geen drempelwaarde worden waargenomen.

De hoeveelheid NO2 is hoofdzakelijk het gevolg van menselijk handelen, zoals door het verkeer en de verbranding van brandstoffen. Er bestaan richtlijnen voor de aanvaardbare uitstoot per jaar, zoals de 40 µg/m3 die de WHO aanhoudt. Maar de gezondheidsrisico’s werden in dit onderzoek al vastgesteld bij een gemiddelde jaarlijkse concentratie van 26,9 µg/m3. Geconcludeerd wordt dan ook dat de richtlijnen strenger moeten.
 
Verschenen in de nieuwsbrief van 9 april 2021 Platform voor Voedingsgeneeskunde

Auteur
Ton Geurtsen
Referentie(s)
Meng X, Liu C, Chen R, et al. Short term associations of ambient nitrogen dioxide with daily total, cardiovascular, and respiratory mortality: multilocation analysis in 398 cities.BMJ. 2021 Mar 24;372:n534.

Origineel weergeven